Duizenden jaren kennisvergaring; wat hebben we geleerd?
Reflecties op een week in Athene ten tijde van toenemend fascisme
Onze laatste dagen in Griekenland hebben we in het indrukwekkende Athene mogen doorbrengen. Een plek waar al duizenden jaren mensen hebben geleefd; gecreëerd, vereerd, geleerd, gedacht, gerouwd, gevierd, gecremeerd en begraven. We zijn enerzijds klein tussen al dat vele, dat grote, en ontzagwekkende. Anderzijds zien we wat je als mens kunt voortbrengen en in beweging zetten. Ik sta tienduizend jaar later naar een potje te staren dat iemand heeft gemaakt en beschilderd om aan een dode mee te geven in zijn of haar graf.
Wat mij nog het meest aan het denken zette waren al die plaatsen waar mensen kennis verzamelden en doorgaven. In één dag bezochten we twee bibliotheken en een school. In de bibliotheek van Hadrianus (132 AD) waren in de belangrijkste hal naar schatting zo'n 16.800 boeken te vinden. Van de bibliotheek van Pantainos (ongeveer 100 AD), bleef niet alleen een ruïne, maar ook het reglement bewaard. Je mocht geen boeken meenemen en de bieb sloot om zes uur. Tot slot bezochten we de school van Aristoteles, het Lykeion (335 BC). Qua archeologische opgravingen is deze school niet zo indrukwekkend als sommige andere plekken in Athene, maar gezien de invloed van het gedachtengoed van Aristoteles wel een bijzondere plek om te zijn.
Ik moest op die dag, waarin boeken, kennisvergaring, wetenschap, leren en studeren gevierde aspecten van onze cultuur leken te zijn, toch telkens denken aan het feit dat we de belangrijkste problemen nog altijd niet hebben opgelost (de opmerkzame lezer ziet dat ik voor het gemak even aanneem dat er zoiets is als een collectieve Europese identiteit en cultuur en dat wat Grieks is in het ‘ons’ betrek). We hebben als mensheid (de we wordt hier iets breder dan Europa) al duizenden jaren schrift; er wordt gestudeerd, gelezen en geleerd, maar laten willens en wetens meerdere genocides tegelijk plaatsvinden op onze planeet. We helpen ze creëren, we houden ze in stand, we financieren ze, we normaliseren ze (laten we zeggen; we, de mensheid, en we, Europa in het bijzonder). Na duizenden jaren leren, worden mensen nog altijd onderdrukt en mensenrechten geschonden. Die avond bezochten we een wijk, waar van oudsher veel activisten wonen. Een wijk behangen met Palestijnse vlaggen en oproepen tot protest. Specifiek protest tegen het feit dat veel IDF soldaten vakantie vieren in Griekenland. Het Griekse volk is daar niet van gediend, maar de overheid (met financiële belangen) doet niks.
Nieuwe alinea
Nu stond er met enige nationale trots bij het Lykeion te lezen dat Aristoteles de vader was van allerlei wetenschappen. Het is een wat eurocentrisch en patriarchaal verhaal (zie foto), dat afsteekt tegen de vele musea waarin juist ook de nadruk lag op de uitwisselingen die er waren met andere culturen, zoals bijvoorbeeld die in het Midden-Oosten. De scheidslijnen van waar een cultuur begint en ophoudt, zijn een subjectief en politiek onderwerp, omdat ze gaan over eigenaarschap over elementen van die cultuur en misschien nog wel belangrijker; eigenaarschap van het narratief.
Dat Aristoteles van grote invloed was op het Westerse en daarmee ook het Nederlandse denken is wel zeker. Of ‘wij’ als Europeanen meer recht hebben om hem te zien als behorend tot onze collectieve identiteit dan mensen in het Midden-Oosten is echter discutabel. Hoe positief zijn invloed was is wat mij betreft ook discutabel; hij was tenslotte ook van mening dat de vrouw van nature ondergeschikt is aan de man en hij was misschien zelfs de eerste die een theorie over de zogenaamde ondergeschiktheid van de vrouw noteerde. Aristoteles leverde hiervoor bewijzen aan die niet klopten en die met de voorhanden zijnde empirische instrumenten van die tijd al weerlegd hadden kunnen worden. Ruim 2000 jaar later hebben we nog steeds de Dolle Mina’s nodig om zijn patriarchale ideeën te bestrijden.
In het museum behorend bij de Ancient Agora, lazen we dat er in de vijfde eeuw v Chr. werd gestemd tégen bepaalde leiders (ostracisme, zie ook de foto voor uitleg). Een soort voorloper van de cancel-cultuur, die was ingesteld om het volk te beschermen tegen despoten. Of ostracisme nu een goed idee was of niet, doet even niet ter zake, maar het toont in ieder geval aan dat er bewustzijn was over het gevaar van slechte leiders en dat er toen al werd nagedacht over hoe je een maatschappij daartegen zou moeten beschermen. Daar zijn we 2500 jaar later dus ook nog steeds niet helemaal uit.
Sommigen zeggen: mensen doen nu eenmaal wat ze doen. Oorlogen, genocides, vernietiging van culturen zijn van alle tijden. Ze komen en gaan als de golven van de zee en wij - jij en ik - kunnen daar niks aan veranderen. Met andere woorden: leef nou maar gewoon je leven, wees goed voor de mensen om je heen en dein verder maar wat mee op de golven van de zee. Wat mij betreft is dat toch iets te simpel. Ik geloof wel degelijk dat als we ons best ervoor doen, de mensheid met minder onderdrukking, geweld en genocides kan bestaan. Het lukt ons tenslotte ook om ze te beëindigen en om ze achteraf te identificeren. Er is inmiddels ook veel meer bekend over het vrouwenlichaam en er zijn tenminste Dolle Mina’s, dus we boeken als mensheid wel degelijk vooruitgang. Met de opzet van het internationaal recht in de vorige eeuw hebben we een goed begin gemaakt, al is er ook nog steeds heel veel mis mee. Dat wat we hebben moeten we beschermen, bekritiseren en verbeteren. En wellicht dat als we de wijsheid van alle scholen en bibliotheken blijven verbreden en verspreiden, als we alles bij elkaar optellen, als we open staan voor andere culturen in plaats van ons bezig te houden met wie beter is, dat we dan nog eens leren, we - de mensheid - hoe we onderdrukking en genocides kunnen voorkomen.

